Actueel
     
 


Intranet login

"Met astma de Everest op" geplaatst in BN/DeStem 30-10-2004

'We willen met deze expeditie een voorbeeld zijn voor anderen’

 

Door Cyril Rosman


Zaterdag 30 oktober 2004 - Of ze een beetje gek zijn geworden, is de vraag. Valt wel mee, vinden Bredanaars Maarten Sprengers en Louis van der Burch. „Wat we gaan doen is redelijk veilig.“ Toch klinkt het bijzonder: dertig astmapatiënten die de North Col van de Mount Everest gaan beklimmen.


(Foto Cor Viveen)

Nog een keer: dertig astmapatiënten gaan klimmen op de Mount Everest. Anders: dertig mensen die lijden aan een chronische aandoening van de luchtwegen en dus soms moeite hebben met ademhalen, gaan klimmen op de hoogste berg van de wereld, waar de lucht dus ijl is.

„We willen met onze expeditie, De-Ice, een voorbeeld zijn voor anderen: laten zien dat uit gaat van je mogelijkheden en niet van je beperkingen“, zegt Van der Burch (47).

Nu de nuancering. De klimmers gaan volgend jaar niet voor de Top der Toppen, niet voor het hoogste punt van de Everest (8850 m), maar voor een bijtop: de North Col (7066m). En de deelnemers, die vanuit het hele land komen, hebben allemaal hun astma al geruime tijd onder controle. „Stabiel astma, heet dat. Dat houdt in dat je door het gebruik van medicijnen al een flinke tijd geen echte aanvallen van benauwdheid meer hebt gehad“, legt Sprengers (35), die net zoals Van der Burch al vanaf jongs af astma heeft, uit.

„Die stabiliteit was ook een voorwaarde om mee te mogen doen aan de expeditie. Want met zo’n tocht kun je niet hebben dat je boven op de berg opeens een aanval krijgt.“

Van der Burch: „Waarom een bijtop van de Everest en niet de echte top van een andere berg? Omdat de Everest de meest aansprekende berg ter wereld is. Als je daar over begint, heb je gelijk de aandacht. En daar is het ook deels om te doen.“

Het plan ontstond een paar jaar geleden bij een astmatische mede-eigenaar in de klimhal in Zoetermeer. 

Daarna volgde een oproep in het blad Contrastma, strenge selectierondes en uiteindelijk de samenstelling van een ploeg van een klimmer of veertig: mannen en vrouwen, van 20 tot zestig.

„Niet iedereen zal de top van de North Col halen“, voorspelt Van der Burch, samen met Sprengers de enige West-Brabantse deelnemer. „Maar dat is ook niet het grote doel. Want we hoeven niet per se iets te bewijzen. Het gaat erom dat we dit gaan doen en dat we, als we weer terug zijn, dat gaan vertellen aan kinderen op scholen.“

Sprengers: „We zijn een keer met de groep in Davos geweest, bij het astmacentrum. En de kinderen daar kregen van die mooie, grote ogen toen ze dit hoorden. ‘Oh, kunnen wij dat later ook’, zeiden ze.“

Om er zeker van te zijn dat de klimmers het kunnen navertellen hebben de expeditieleiders van De-Ice (Dutch Expedition Inspired by Climbing Everest) gekozen om niet de echte top van de berg aan te vallen. Dat is een onderneming waarbij nog steeds geregeld doden vallen.

Van der Burch: „Wat we nu doen is redelijk veilig. Daar waar nodig plaatsen we vaste touwen. De ‘zone des doods’, het gebied waarboven je lichaam niet meer herstelt van de inspanningen, begint pas boven de 7500 meter. Onze expeditieleider kan het weten, dat is Rene de Bos, de eerste Nederland die op de echte top heeft gestaan.“

De klimmers hebben ook ‘voordeeltjes’. Sprengers: „Hoe hoger je komt, hoe minder allergische prikkels er zijn die tot benauwdheid kunnen leiden. Op 7000 meter hoogte heb je geen huismijt. De kans op hoogteziekte is ook niet groter dan bij mensen zonder astma.“

Mogelijk gaat er een team mee dat een medische test gaat uitvoeren. „Die artsen willen bekijken hoe wij reageren op die hoogte. Maar het is nog niet zeker of ze meegaan.“ Wel gaan er een expeditie-arts en een longarts mee voor de veiligheid van de klimmers.

De expeditie De-Ice wordt sowieso een gigantische onderneming, de dertig klimmers en de begeleidingsstaf nemen een karrevracht aan spullen mee. „Daar zijn straks heel wat yaks voor nodig om dat mee te zeulen.“

De expeditie zal zo’n 450.000 euro gaan kosten. De deelnemers betalen ieder zelf €4000 en proberen ook ieder €2500 aan sponsorgeld binnen te krijgen.

Van der Burch: „Daar zijn we nu heel druk mee bezig. We hopen ook een aantal Bredase en West-Brabantse bedrijven te interesseren, we kunnen nu bijvoorbeeld al onze conditie op peil houden bij de sportschool van Arendse in Breda. In januari komen we dan weer met zijn allen bij elkaar en nemen we de definitieve beslissing of de expeditie wel of niet door kan gaan.“

Als die beslissing positief uitvalt, waagt het team in september 2005 haar beklimming. „We zijn er nu al hard voor aan het trainen. Maar behalve op conditie zal het ook voor een groot deel op doorzettingsvermogen aankomen.“

Hoofdsponsor


 
Topsponsors


 
>>  Ambassadeurs ...
 
>>  meer sponsoren ...
 
>>  Vrienden van ...
 
Samenwerking met


 
Uitgerust met


 



>> 
Home
 
>> 
Contact
 
>> 
Nieuwsbrief ontvangen
 
>> 
Gastenboek
 
 
Sponsored by 2HV Solutions